Ik ben een ochtendmens. Waarom?
Het is vijf uur als mijn wekker gaat. Tegelijkertijd ook totaal overbodig, dat het sluimerende deuntje door de slaapkamer laveert, want ik lig al minstens een uur naar het plafond te staren. Maar toch heb ik gewacht. Gewacht tot het zover was. Vijf uur opstaan heeft iets magisch. Vóór vijf uur uit bed stappen is gewoon krankzinnig. En na vijf uur voelt altijd een beetje nutteloos, alsof ik mijn tijd verdoe aan iets onbeduidends als slaap. Maar vijf uur is precies goed. Lees verder





Zijn hand knijpt in mijn schouder, langzaam en behoedzaam. Alsof hij iets van plan is om te doen, maar nog twijfelt en zijn opties afweegt. Ineens dringt het tot me door hoe dichtbij hij eigenlijk staat. Ik wil een stap achteruit zetten, om wat meer zuurstof tussen ons in te krijgen, maar op de één of andere manier weigert mijn lichaam te bewegen. Hij kijkt me recht aan en tuurt zoekend in mijn ogen. 

